|
|
|
Belga, 25 mei 2010: CD&V wil adoptieverlof even lang maken als bevallingsverlof |
|
|
|
|
Het adoptieverlof moet even lang worden als het bevallingsverlof. Dat stellen drie Vlaamse parlementsleden van de CD&V-fractie in aanloop naar de staten-generaal over adoptie, melden De Standaard en Gazet van Antwerpen dinsdag. Ze pleiten ook voor een gecontroleerde instroom, zodat kandidaten meer duidelijkheid krijgen en realistisch worden ingelicht. Adoptieouders moeten hun kansen kennen, vinden Tom Dehaene, Katrien Schrijvers en Tinne Rombouts. “Als we weten dat er tweehonderd kinderen komen, moeten we niet jaarlijks eentje beloven aan zeshonderd gezinnen. Ook zou het goed zijn als alle kandidaten bij het begin worden voorgelicht”, stelt het drietal. Daarnaast willen de CD&V’ers de zoektocht naar “nieuwe kanalen” hervormen. Nu gebeurt dat te vaak in verspreide slagorde, waarbij zowel de Vlaamse overheid als de adoptiebureaus hun eigen kanalen ontwikkelen. Volgens de drie kan het beter en efficiënter met dezelfde middelen. Zo zou de verkenning door Vlaanderen moeten gebeuren. Nadien kunnen de adoptiebureaus dan overnemen. Maar ook het maatschappelijke onderzoek is aan verandering toe. Volgens Schrijvers zijn er grote kwaliteitsverschillen tussen het werk van de verschillende Centra Algemeen Welzijnwerk (CAW’s). Ze vraagt een gezamenlijke checklist van zaken die belangrijk zijn bij dat onderzoek. En als “gebuisde” kandidaten in beroep gaan, zou een nieuw onderzoek door een ander CAW moeten gebeuren. “Nu is hetzelfde CAW rechter en partij. Dat is niet fair”, vindt Dehaene. Tot slot zou het opvolgingsbezoek niet na een maand, maar na een half jaar moeten volgen. Een maand is immers absoluut te weining om het hechtingsproces te evalueren, aldus nog het trio. |
|
Belga, 25 mei 2010: Twaalf procent meer adopties in Vlaanderen in 2009 |
|
|
|
|
Het aantal adopties via erkende diensten is vorig jaar in Vlaanderen toegenomen met 12 procent. Dat meldt de Vlaamse Centrale Autoriteit voor Adoptie dinsdag. In het jaar 2009 werden 268 kinderen geadopteerd, tegenover 239 in 2008. De stijging is een gevolg van het toegenomen aantal adopties vanuit het buitenland (interlandelijke adoptie). Vorig jaar werden in Vlaanderen immers 244 kinderen vanuit het buitenland geadopteerd, tegenover 210 in 2008. Het aantal binnenlandse adopties liep terug van 29 naar 24. De 244 kinderen (130 jongens en 114 meisjes) die via bemiddeling van adoptiediensten vanuit het buitenland in Vlaamse adoptiegezinnen zullen opgroeien, komen vooral uit Ethiopië (97) en Kazachstan (58). Voorts werden in 2009 voor het eerst sinds lang opnieuw adoptiekinderen uit Haïti geplaatst. Bij de 24 binnenlands geadopteerde kinderen in 2009 gaat het om 13 jongens en 11 meisjes. Het betreft in België geboren kinderen die door hun ouders werden afgestaan voor adoptie. Binnenlandse adopties kunnen ook op zelfstandige wijze plaatsvinden. Het gaat dan om kinderen die vooraf gekend zijn door de kandidaat-adoptieouders. |
|
Belga, 5 mei 2010: Adoptieouders zoeken hulpverlening vaak bij elkaar |
|
|
|
|
Adoptieouders organiseren zich graag onder elkaar om zo onder gelijken te kunnen praten over hun ervaringen. Op die manier moeten ze zich niet telkens verantwoorden en leren ze van elkaar. Dat blijkt uit een focusgroepenonderzoek van de Gentse universiteit in opdracht van Steunpunt Nazorg Adoptie, dat woensdagnamiddag werd voorgesteld in Gent. Daarnaast blijkt er een tekort aan nazorg te zijn in de reguliere hulpverlening, zoals artsen, CLB of Kind en Gezin. “De problemen beginnen soms echter al bij het inschrijven van het kind in het stadhuis. Men moet alerter omgaan met de specificiteit van adoptie”, zegt professor Michel Vandenbrouck. Een andere conclusie uit het onderzoek is dat de bestaande hulpverleningsdiensten rond adoptie vaak onvoldoende gekend zijn. Ook blijkt de zoektocht van adoptieouders van special needs kinderen naar gespecialiseerde hulpverlening vaak heel lang. “Er is veel meer vraag dan aanbod en dat probleem zal groter worden omdat het aandeel van zulke kinderen in het aantal adopties almaar toeneemt”, aldus professor Ann Buysse. Ook pleiten de ouders ervoor om bij de adoptiediensten een scheiding te maken tussen de zogenaamde rapportageplicht en de emotionele ondersteuning. “Aan de ene kant controleert een adoptiedienst je om die informatierapporten naar de herkomstlanden op te stellen. Maar langs de andere kant is het ook de dienst waar je naar toe moet om open te praten over je problemen”, aldus Vandenbrouck. |
|
Belga, 1 april 2010: Adoptie door holebi's quasi onmogelijk |
|
|
|
|
Goed drie jaar nadat het voor holebikoppels mogelijk werd om kinderen te adopteren, zijn amper vier koppels daar ook effectief in geslaagd. Een buitenlands kindje adopteren lukte in nog geen enkel geval. Dat stelt Vlaams parlementslid Jan Roegiers (sp.a) donderdag op basis van verschillende parlementaire vragen. Hij eist dringend duidelijkheid van minister van Welzijn Jo Vandeurzen. “Ofwel verplicht hij de adoptiediensten om meer inspanningen te leveren voor holebi’s, ofwel communiceert hij eerlijk naar kandidaat-ouders dat hun kans op succes zowat nihil is”, vraagt Roegiers. Uit de cijfers die het parlementslid verzamelde, blijkt dat het bij minder dan één procent van de 638 adopties die sinds 2006 in Vlaanderen plaatsvonden om holebi-ouders ging. “De kinderwens bij holebi’s is nochtans behoorlijk groot. Niet minder dan 4 op 10 aanmeldingen voor adoptie gebeurt door kandidaat-ouders van gelijk geslacht”, aldus nog Roegiers. |
|
|
|
|
<< Begin < Vorige 1 2 3 4 5 6 7 Volgende > Einde >>
|
|
JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL |